Onderbouw

Welke vakken heb je in de onderbouw

In de onderbouw volgen de leerlingen: Nederlandse, Duitse en Engelse taal, mens & maatschappij, biologie, wiskunde, rekenen, beeldende vorming, drama, informatiekunde, studievaardigheden, beroepsoriëntatie en bewegingsonderwijs. In het tweede leerjaar wordt de vakken economie en verzorging toegevoegd aan de vakken van leerjaar één. In de onderbouw ligt de nadruk op toepassing van de leerstof, het ontwikkelen van vaardigheden en de samenhang tussen de diverse onderdelen. Ook schenken we veel aandacht aan samenwerken, groepsvorming, sociale vaardigheden en onderzoeksopdrachten. Daarnaast bieden wij de leerlingen extra activiteiten aan op gebied van sport, kunst en cultuur!

Wat is de rol van de mentor in de onderbouw

Elke klas heeft een mentor die zijn of haar klas 2 uur op het rooster heeft. Er wordt dan gewerkt aan, zoals de school dat noemt, persoonlijke ontwikkeling. Dit omvat het geheel van: Wie ben ik? Waar sta ik? Waar wil ik naar toe? In de praktijk is dit de eerste aanzet tot talentontwikkeling, ambitie en de haalbaarheid hiervan. De mentor biedt ondersteuning voor de leerlingen en is de eerste contactpersoon voor de ouders. 

De overgang van onderbouw naar bovenbouw

De onderbouwperiode wordt aan het eind van het tweede leerjaar afgesloten. Aan het eind van het tweede jaar wordt een Cito adviestoets gehouden, zodat duidelijk wordt of een leerling in het derde leerjaar geplaatst wordt in een basisklas, kaderklas of een klas met gemengde theoretische leerweg. De ouders en of verzorgers worden tijdens een voorlichtingsavond op de hoogte gebracht van de keuzemogelijkheden en de determinatie.

Belangrijke documenten en verwijzingen